Vaarrichtingen kitesurfen

vaarrichtingen-kitesurfen

De vaarrichtingen kitesurfen die we hier beschrijven zijn altijd ten opzichte van de wind. Bekijk voordat je verder gaat met het lezen van de tekst eerst even het plaatje hieronder.

Vaarrichtingen kitesurfen:

1. Tegen de wind in (into the wind)

Pal tegen de wind in kitesurfen is onmogelijk. Om tegen de wind in te varen moet een kitesurfer zigzaggen en een aantal keren overstag gaan. Dat kan met een zogenaamde ‘aan-de-windse koers’.

2. Aan de wind (upwind)

Aan de wind is de moeilijkste koers voor kitesurfers. Je wordt immers automatisch met de wind mee getrokken. Hoe kan een kitesurfer dan tegen de wind in varen? Dat komt verbazend genoeg door de zuiging van de wind. Aan de loefzijde van het zeil wordt de wind tegen elkaar gedrukt en krijgt daardoor meer snelheid. Aan de bolle kant van de kite, de lijzijde, moet de wind om de kite heen blazen. Hierdoor ontstaat een zuigingsproces dat de kite doet aantrekken. Het board verzet zich tegen deze kracht. Je snijdt weg van de kite en de kracht van de kite wordt omgezet in een voorwaartse beweging. Op de website Zeiltheorie.nl staat meer informatie over de krachten van zeilen.

Kruisen of zigzaggen

Om tegen de wind in te komen moet een kitesurfer zigzaggen tegen de wind in. Aan het einde van een run gaat de kiter ‘overstag’ om de andere kant op te gaan.

3. Halve wind (across the wind)

De halve-windse koers is de meest gevaren koers voor kitesurfers. Je vaart in een hoek van 90 graden op de wind. Bij de perfecte halve-windse koers kom je, nadat je overstag bent gegaan, weer uit op hetzelfde punt als waarvan je vertrokken bent.

4. Ruime wind (downwind)

De ruime windse koers is de tegenovergestelde van de aan-de-windse koers. Je gaat schuin met de wind mee. Als je vertrekt bij een waterstart dan begin je altijd met een downwind koers. Dit doe je om snelheid te maken.

Kruisen of zigzaggen

Ook met de wind mee moet je zigzaggen als je aan het kitesurfen bent. Als je omdraait dan ga je niet overstag, maar dan gijp je. Een gijp is dus omdraaien met de wind mee. Overstag gaan is omdraaien tegen de wind in.

5. Voor de wind (with the wind)

Precies in dezelfde vaarrichting kitesurfen als waar de wind vandaan komt. Dat is voor de wind varen. Het is onmogelijk om je kite te parkeren als je voor de wind aan het varen bent. Je zakt dan namelijk in het water omdat je kite richting ‘the edge of the window’ vliegt en geen kracht meer levert. Om dit te voorkomen kun je je kite blijven loopen om zo power te blijven genereren.

Voor de wind varen is niet efficiënt en zeker niet comfortabel. Dit is de minst gevaren koers bij het kitesurfen.

Vaarrichtingen kitesurfen: Snelheid en koersen

Als je met snowboarden het board niet heuvel af wijst, dan zul je nooit snelheid krijgen. Met kitesurfen is dit niks anders. Wijs de punt van het board ‘downwind’ – met de wind mee – en je krijgt snelheid. Blijf je te lang heuvel af -of downwind- gaan, dan krijg je teveel snelheid. Stuur je je board te hard tegen de wind in bij een aan-de-windse koers dan verlies je je snelheid en zak je weer in het water.